In een open brief in De Tijd deze week waarschuwden de socialistische vakbonden ABVV/FGTB de werkgeversorganisaties om niet te raken aan de sociale privileges die de afgelopen halfeeuw uitgedeeld werden. Zonder “vrij sociaal overleg” kon de “sociale vrede” niet langer gegarandeerd worden. Gisteren werd op de nationale betoging duidelijk wat een ordinaire bedreiging dit is van een beweging die het geweld niet schuwt. In Italië vervolgt men dergelijke organisaties, hier behoren het schenden van fysieke integriteit, het gijzelen van werkwilligen en ondernemers (soms letterlijk) en het vernielen van eigendom blijkbaar tot de democratische middelen. Dit alles onder het goedkeurende oog van een socialistische ex-premier die zonder schroom of schaamte mee liep in deze uiterst vreedzame Mars op Brussel.

Vakbondsleiders en politici zullen ongetwijfeld oproepen dat dit een kleine minderheid is. Het gaat echter om het klimaat die bepaalde bewegingen creëren. Al weken weigeren ze iedere vorm van sociaal overleg. Ze verkiezen het om partijkantoren aan te vallen en te belegeren. Vakbondsleiders zoals De Leeuw en Leemans hitsen mensen op met hun dreigende taal en populistische dogma’s. Vergeet veldrijden of voetbal, het demoniseren van ondernemers is in dit land de nationale volkssport.

Welke legitimiteit hebben dergelijke verenigingen eigenlijk? De bonden strooien graag met termen als “ondemocratisch”. Maar de helft van de werknemers is niet aangesloten bij een vakvereniging, terwijl nog geen 5% van de andere helft in naam van de democratie onze hoofdstad gijzelt. De rol van vakbonden is in dit land wettelijk beschermd: de regering moét samenzitten met de “sociale partners”. Wie zijn deze mensen, wie verkoos hen? Hoe democratisch is een land waar werknemersorganisaties wettelijke lobbygroepen zijn die afspraken afsluiten en acties organiseren in naam van mensen die dit niet wensen? Regeringen zijn blijkbaar alleen maar democratisch als links ertoe behoort en kan potverteren.

En waartegen protesteren deze “vertegenwoordigers” eigenlijk? Ons land kreunt nog steeds onder een overheidsbeslag van 55%. Tijdens de financiële crisis en de “besparingsmaatregelen” van de afgelopen jaren kwamen er alleen maar belastingen bij. Een op de drie beroepen in dit land is gereguleerd. Onze lasten op arbeid zijn bij de hoogste in Europa. We concurreren al jaren niet meer met onze eigen buurlanden. De bonden die niet langer representatief zijn voor de beroepsbevolking beweren dat de bedrijven nog marge hebben om in te leveren. Bij dergelijke dwaze uitspraken vergeet men voortdurend hoe erg het nu al gesteld is met het ondernemingsklimaat in ons land. De Belgische bedrijven (grotendeels kleine en middelgrote ondernemingen) hebben geen marge meer. Het water staat hen nu al aan de lippen. Elke onderneming in België wil aanwerven, maar torenhoge belastingen en bergen papierwerk en regels verhinderen dit. Zij die welvaart en jobs creëren moet je niet afstraffen, maar aanmoedigen!

Actief links verloor gisteren het laatste beetje geloofwaardigheid dat ze nog bezaten. Laat het bij deze duidelijk zijn dat deze groeperingen niks inzitten met de toekomst van ons land. De vooruitgang en de jonge generaties kunnen hen gestolen worden. Het enige wat ze willen is het behoud van het erbarmelijke status quo. Het is inmiddels duidelijk wat hun invulling van het woord democratie inhoudt: “Democratie zal van ons zijn, of het zal niet zijn!”

Comment